Ik ben Esther Versluis- van Huffelen geboren in Beverwijk in 1968.
Al tijdens mijn lagere schooljaren in Doesburg heb ik het geluk gehad met klei te mogen spelen, waarbij mij veel vrijheid werd gegeven ten aanzien van de onderwerpkeuze en te gebruiken technieken.
Na het VWO en 6 jaar op de academie voor fysiotherapie in Arnhem en Nijmegen, ben ik een aantal jaar vrijwilliger geweest in het Prehistorisch Museum te Eindhoven. Hier gingen we in zelfgemaakte prehistorische linnen en wollen kleding, de ambachten uit die tijd laten zien aan de bezoekers. Ik heb alle specialisten ondersteund en daarbij dus met wol, huid en leer, hout, been en leem leren werken. IJzersmeden vond ik erg stoer, en ik heb ervaren hoe moeilijk het is om met primitieve middelen brons te gieten. ( Het aardewerken bakje smolt vaak op het moment dat het brons vloeibaar werd.)
Toen ben ik ook in contact gekomen met de stichting KOKOPELLI, die de voeten van mensen weer op aarde wil helpen zetten.
Leven met alleen moeder aarde, die ons alles kan bieden dat we nodig hebben. Overleven in de natuur terwijl je uiteindelijk niets anders meebrengt als jezelf en je kennis en beheersing van technieken en materialen.
Hoe maak je een drinkkom met het bos en je blote handen? Dat is zeker niet makkelijk, maar ook zeker niet onmogelijk. (Eerst maak je vuur (zonder lucifers of brandglas!), Daarna is het vuur je gereedschap waarmee je een holte brand in een blok hout.) Heeft dat uw interesse kijk dan eens naar Barefeet survival waar we cursussen aan bieden op dat gebied.(zie de links)
Leven in de natuur bestaat voor mij uit openstaan voor alles om je heen, vrienden maken met je natuurlijke omgeving en iets terugdoen voor alles wat je ontvangt. Ik heb daarbij sterk het gevoel dat mij gevraagd wordt mooie dingen te maken. Dus niet alleen praktisch gereedschap maken, maar ook met een mooi ontwerpen afwerking.
Daarnaast ben ik in het buurthuis van Rheden tekenlessen gaan volgen. Hier ben ik in aanraking gekomen met pastelkrijt. Een prachtig materiaal. Het dwong mij groter te gaan werken als de priegelige potloodtekeningen die ik al wel eens maakte. Direct met het krijt op papier of via een vinger of daarna nog weer uitpoetsen met de (vlakke) hand. Hands-on heerlijk! Hier kreeg ik mijn eerste opdrachten.
Op een gegeven moment ben ik overgestapt op klei-les, want dat kon ik samen met mijn moeder gaan doen.
Ik speel nog steeds graag met klei.
Er is een heel direct contact als je de klei met je handen vorm geeft. Pas later bij de afwerking komt er meer afstand als er gereedschap aan te pas komt.
Het is een avontuur om het beeld dat ik in mijn hoofd heb te realiseren. Door te blijven kijken en “luisteren” naar het beeld terwijl het ontstaat, “groeit” het naar zijn uiteindelijke tastbare vorm.
Maar ook kleur is van belang. Soms werk ik met gekleurde klei of voeg ik een gekleurde kleislib (angobe) toe. Na de eerste bakbeurt in de oven op zo´n 900 graden is de klei poreus. Dat is het moment om opgelost glazuurpoeder aan te brengen. Tijdens het tweede bakproces ( 1060°C ) versmelt het glazuur. Glazuren hebben nogal eens een effect op elkaar, of vallen toch weer anders uit. Hierdoor ben ik altijd heel nieuwsgierig naar het uiteindelijke resultaat.
Momenteel werk ik in Atelier de Munnikkenhof van Marion Zeilmaker te Rheden aan mijn keramische creaties.